Embed from Getty Images

In Nederland  zat ik vanaf de leeftijd van groep 6 op een Vrije Basisschool in Arnhem,  gebaseerd op de antroposofische opvattingen van Rudolf Steiner. Naast het normale basisschoolprogramma leerde ik er zingen, schilderen, houtbewerken en hadden we minder bekende vakken als euritmie, een soort van danskunst waarbij geestelijke fenomenen worden uitgedrukt door middel van lichaamsbewegingen en gebaren. Dit allemaal voor een zo groot mogelijke zelfontplooiing.

Ik doorliep de lagere en middelbare Vrije School, waarvoor ik naar Nijmegen moest reizen, en behaalde  mijn Havodiploma op het volwassenenonderwijs om door te kunnen stromen naar het HBO. Ik besloot om Chinees te gaan studeren in Maastricht.

Tijdens mijn studie ging ik in 1996 voor het eerst naar China. Ik maakte langzaam kennis met het Taoïsme, de leer van het volgen van je weg. Ik leerde over Confucius en het Chinese beeld van de mens in de maatschappij. Ik kwam in aanraking met het Chinese onderwijs en de ‘kleine keizertjes’, die het gevolg waren van de éénkindpolitiek, en die het ver moesten gaan schoppen. Van heel dichtbij maakte ik echter ook de angst mee om te worden wie je bent als dat niet voldoet aan het ‘ideale plaatje’: lesbische vriendinnen vertelden mij dat hun ouders ze het huis uit zouden zetten als ze zouden ontdekken dat hun dochter op vrouwen viel.

Intrede van de antroposofie in China

Tegen deze achtergrond werd in 1983 in Chengdu de eerste Vrije School opgericht, door een Chinees echtpaar dat speciaal naar het buitenland was gegaan voor een lerarenopleiding. Anno 2017 zijn er volgens het Internationaal Hulpfonds voor Vrije Scholen 23 lagere scholen en 172 kleuterscholen, verspreid over heel China. In Chengdu en Zhengzhou zijn er behalve scholen ook trainingen biografiek, waarin cursisten inzicht krijgen in hun eigen levensloop om daar positief van te leren voor de toekomst.

Vera Klein is directeur van het Nederlands Instituut voor biografiek en -op aanvraag- meerdere malen in Chengdu en Zhengzhou geweest om daar een training docent biografiek op te zetten. In 2016 begonnen de eerste cursisten aan het deeltijdprogramma. Ook in deze training zijn bovengenoemde tegenstrijdigheden opvallend aanwezig. “Vaak horen we van jonge vrouwelijke cursisten dat ze zichzelf op zijn minst de vraag stellen of hun vader het er wel mee eens is”, zegt Vera. Ook hebben de organisatoren leden van de Communistische Partij uitgenodigd om bij ons te komen kijken, zodat ze met eigen ogen kunnen zien dat we hier geen verboden politieke beweging willen vormen.” Het zijn de uitdagingen in het hedendaagse China.

Wisselwerking

Dat Chinezen door die uitdagingen creatief worden is uiteraard bekend, en ook dat de Chinese cultuur elementen uit andere culturen omarmt en opneemt. Op de website van Chengdu Waldorf School (Waldorf School is de Engelse naam voor Vrije School) zie ik bijvoorbeeld foto’s langskomen van euritmie met Chinese waaiers.

Omgekeerd wordt op een hoger niveau de link gelegd met Confucius, Lao Tse, Chinese geneeskunst, kalligrafeer- en schilderkunst, Tai Chi, Chi Gong en acupunctuur. Vera gebruikt in haar lessen in Nederland om docenten op te leiden al langer het Nobele Achtvoudige Pad, wat gebruikt wordt in de boeddhistische leer. Dit pad naar de verlichting zit vol met vragen waarbij de cursisten aan zelfreflectie moeten doen, en deze vragen kunnen ingezet worden om de cursisten hun eigen houding als docent biografiek te laten bepalen. Op deze manier ontstaat een wisselwerking tussen de antroposofie en het Chinese boeddhisme, die in China met open armen ontvangen wordt.

Antroposofie leeft in China. Jonge ondernemers verdienen genoeg om hun eigen beslissingen te kunnen maken en tot de keuzes horen onder andere ook bovengenoemde trainingen in de antroposofie. En met genoemde eigen inbreng, lijkt een proces in gang gezet dat nog lang niet uitgekristalliseerd is.