Donderdag 12 juni is de internationale dag tegen kinderarbeid. In China mogen minderjarigen vanaf 16 jaar werken. Maar ook jongere kinderen zijn te vinden in de fabriek van de wereld.

De 14-jarige Liufu Zong werkte nog geen drie maanden voor Jinchuan Electronics in Dongguan. Op 21 mei 2013 kregen zijn collega’s hem ’s ochtends niet meer wakker in de slaapzaal van de fabriek.

Volgens de werkgever was de jongen ingehuurd via een uitzendbureau, dat de opdracht had alleen gezonde en meerderjarige werknemers te sturen. Liufu had een identiteitsbewijs bij zich op naam van Su Longda; leeftijd 18 jaar. De politie die de onverklaarbare dood van de jonge man onderzocht ontdekte zijn echte naam en leeftijd.

Lange werkdagen, weinig loon

Uit boekenonderzoek bleek dat er bij Jinchuan vaak wordt overgewerkt. Liufu, die moederborden voor computers testte, werkte soms 50 extra uren in de week. De meeste werknemers werken uit financiële overwegingen graag over. In de electronicafabriek krijgen werknemers 11 yuan per uur (1,30 euro). Een normale werkweek in China telt zes dagen van negen uur. Wie voldoende overwerkt, verdient bijna het dubbele.

De Chinese overheid heeft er de afgelopen decennia veel aan gedaan om het opleidingsniveau van de bevolking te verbeteren. China kent een leerplicht van negen jaar vanaf je zesde. Volgens cijfers van het ministerie van onderwijs gaat 80 procent van alle kinderen tot het 18e jaar naar school. Een aanzienlijk deel volgt hoger onderwijs; ieder jaar leveren de universiteiten en hogescholen zeven miljoen jongeren met een bul af.

Officieel mogen kinderen pas vanaf hun 16e jaar werken. Natuurlijk helpen jongere kinderen op de boerderij of in een familiebedrijf. Maar ook in de fabrieken komt kinderarbeid voor.

De Internationale Arbeidsorganisatie schat dat er wereldwijd 215 miljoen kindarbeiders zijn, waarvan ruim de helft in Zuidoost-Azië. Specifieke cijfers voor China zijn niet beschikbaar. Ook China Labor Watch, een Amerikaanse ngo, weet niet hoeveel minderjarigen er werkzaam zijn. Maar de organisatie komt ze regelmatig tegen.

China Labor Watch doet onderzoek door enquêtes te houden aan de fabriekspoort en medewerkers undercover te laten werken bij grote Chinese werkgevers. Bij Foxconn, HEG, Pegatron en Quanta worden bij onderzoeken minderjarigen aangetroffen. Deze bedrijven maken de electronica die door bijna alle grote merken in de wereld worden verkocht.

Grote westerse bedrijven hebben -al dan niet onder druk van de publieke opinie- zichzelf ethische regels opgelegd voor zakendoen in China. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de arbeidsomstandigheden bij westerse multinationals of de productiebedrijven die voor hen werken doorgaans beter zijn dan in China gewoon is.  Maar de steekproeven van China Labor Watch tonen aan dat misstanden hier zeker niet zijn uitgebannen.

Vorig jaar juli werden 200 werknemers geïnterviewd bij drie Pegatron-fabrieken in China, waar iPads en iPhones in elkaar worden gezet. Volgens China Labor Watch moeten werknemers standaard meer dan 65 uur per week werken, maar wordt overwerk niet altijd uitbetaald. Ook zouden er minderjarigen in de fabrieken werken.

Apple zegt dat het zelf regelmatig Chinese productiefaciliteiten bezoekt, de administratie controleert en sinds 2007 al 15 keer een tevredenheidsonderzoek onder werknemers heeft gehouden. Daaruit zou blijken dat een gemiddelde werkweek in de fabrieken 46 uur bedraagt.

China Labor Watch claimt echter dat werknemers worden gedwongen om valse verklaringen af te leggen over het aantal uren dat ze werken.

Een bijzondere variant van kinderabeid is de inzet van stagiairs door de Chinese industrie. In hun boek The Politics of Global Production schrijven Jenny Chan, Pun Ngai en Mark Selden dat het heel gewoon is dat scholieren als goedkope werkkracht worden gebruikt.

De inzet van scholieren om pieken in dechina kinderarbeid productie op te vangen is zo groot, dat de overheid zich ermee bemoeit. De auteurs beschrijven hoe scholen uit de provincie Henan leerlingen moesten afstaan aan een Foxconn-fabriek in Shenzhen. De provincie kreeg 1,8 miljoen euro in het vooruitzicht gesteld als het voldoende stagiairs zou leveren.

De Reis door China in 48 Dagen gaat verder op donderdag 26 juni: de internationale dag ter bestrijding van drugs.