Leiders die hun stempel op de geschiedenis zetten

Dit is geen boek uitsluitend over China, maar wel over een type leiderschap dat een stempel zette op de geschiedenis van Europa, maar zeker ook op die van China. Het gaat over de dictator die bewust een cultuur rondom zijn persoon schept – het gaat in dit boek alleen over mannen – waarin hij absolute loyaliteit van zijn volgelingen eist en de ideologie van de staat in dienst stelt van de ontwikkeling van zijn persoonlijke macht.

Voor China-geïnteresseerden is Dikötter een bekende: hij schreef indrukwekkende boeken over Mao Zedong en de voor een deel desastreuze gevolgen van diens machtsuitoefening voor de Chinese bevolking. Mao Zedong is één van de acht twintigste-eeuwse dictators – naast Mussolini, Hitler, Stalin, Kim Il-Sung, Duvalier, Ceaușescu en Mingistu – die in compacte verhalen gebaseerd op grondig bronnenonderzoek ten tonele worden gevoerd.

Publiek imago, breken oppositie en monopolisering informatie

We zien in deze acht casus hoe elk van deze mannen door een combinatie van diverse middelen, waaronder democratische processen en geweld, aan de macht kwam, zorgvuldig een publiek imago opbouwde, daartoe de informatiekanalen monopoliseerde en tegenstand in eigen kring en daarbuiten genadeloos wist te breken. De kwetsbaarheid van de dictator komt in deze portretten goed uit de verf. In afwezigheid van op regels gebaseerde of democratisch gelegitimeerde macht is de dictator continu veroordeeld tot het gevecht met alle krachten die zijn macht proberen te ondergraven.

Auteur Frank Dikötter

Essentieel is daarbij dat hij als vriend van het volk, zorgzaam leider en authentiek persoon wordt gezien door zijn volgelingen, terwijl hij op hetzelfde moment geweld niet schuwt in het uitschakelen van zijn tegenstanders. Het orkestreren en manipuleren van ‘spontaan enthousiasme’ is belangrijk voor het handhaven van het positieve imago onder het volk. Het imago in het buitenland manipuleert de dictator via de vaak naïeve internationale pers. Maar hoe kun je in deze situatie van gedwongen loyaliteit mensen vertrouwen? Iedereen kan leugenaar zijn en vleiers omringen de machthebber.

Labiliteit van dictatoriaal leiderschap

Deze labiliteit van het dictatoriaal leiderschap komt haarscherp naar voren uit de casuïstiek van Dikötter, die heel feitelijk registreert en constateert, zonder te waarderen of te interpreteren. Door deze kale ijzige feitelijkheid, die we kennen uit zijn eerdere boeken, wordt het boek soms beklemmend, bijvoorbeeld wanneer we lezen hoeveel miljoenen mensen deze dictators hebben laten vermoorden, opsluiten, martelen en uithongeren: kale feiten waaronder onvoorstelbare tragedies schuilgaan. En dat alles in naam van heel verschillende idealen en met uiteenlopende ideologische rechtvaardigingen, van socialisme tot fascisme of ideologie van eigen kweek.

Universele machtsdynamiek eerder dan ideologische verschillen

Uit het boek komt echter naar voren dat ideologie bij deze leiders niet de drijfveer was, maar eerder als middel werd gebruikt bij het verkrijgen van de absolute loyaliteit van de volgelingen. En dat gold evenzeer voor Hitler, die geen consistente ideologie had, als voor leiders als Stalin en Mao, die hun ideologie steeds aanpasten aan de situatie. En daarin lijken de dictatoriale leiders van de twintigste eeuw veel op elkaar.

Met deze bril bekeken wordt ook Mao Zedong begrijpelijk binnen een algemeen patroon. Vergeleken met het op het ogenblik gangbare exceptionalisme – door zijn totaal andere cultuur en geschiedenis zou je China niet met andere landen kunnen of mogen vergelijken – geeft deze plaatsing van Mao in een internationale beeldengalerij een verfrissend ander perspectief. Oost en West, fascistisch en socialistisch hebben in de twintigste eeuw een vergelijkbaar type leider voortgebracht, met ook vergelijkbare effecten, ondanks de grote verschillen in context.

Betekenis voor huidig China?

Maar wat betekent de beeldengalerij van Dikötter voor het huidige China van Xi Jinping? Na Mao Zedong heeft men afscheid genomen van persoonsverheerlijking. Vormen van collectief leiderschap in combinatie met technocratisch bestuur zijn er onder de volgende leiders voor in de plaats gekomen.

Met Xi Jinping zijn er echter weer elementen van persoonlijk leiderschap teruggekomen, zelfs van dictatoriale trekken en persoonsverheerlijking. Ook zien we een sterke ontwikkeling van op de persoon van Xi gerichte propaganda en censuur.

Zoals Dikötter in zijn nawoord vermeldt, past de uitschakeling van politieke tegenstanders (de anti-corruptiecampagne) door Xi zeker in deze traditie, hoewel de auteur zich er als historicus niet aan waagt om de toekomst te voorspellen. Hij is er wel duidelijk over dat geen enkel land in de huidige wereld, met de mogelijke uitzondering van Noord-Korea, zich kan meten met de verschrikkingen van de dictaturen in de twintigste eeuw.

Desalniettemin biedt het laatste boek van Dikötter voor China-geïnteresseerden, behalve een fraai hoofdstuk over Mao Zedong, een aantal aandachtspunten voor een kritische blik op de huidige ontwikkeling van het leiderschap in China. En los daarvan is het een goed geschreven, boeiend en degelijk gedocumenteerd boek voor iedereen die in de geschiedenis van de vorige eeuw geïnteresseerd is.

How to be a dictator: the cult of personality in the twentieth century, Frank Dikötter, Bloomsbury januari 2019, paperback €19,99, hardcover €25,99, ISBN 9781408891612.