Dinsdag 4 februari is Wereld Kankerdag. China is het land van de grote getallen. Vanwege zijn enorme bevolking is China in veel rijtjes de grootste ter wereld. Dat geldt ook voor kankerstatistieken.

Ieder jaar krijgen 3,12 miljoen Chinezen te horen dat ze kanker hebben; zes per minuut. Zo’n 2 miljoen daarvan komen aan hun ziekte te overlijden. Chinese artsen wijten de toename van het aantal kankerpatiënten aan de toegenomen levensverwachting en veranderende leefpatronen. Met name roken, alcoholgebruik, ongezonde voeding en te weinig lichaamsbeweging hebben een negatieve invloed op de kans kanker te krijgen.

Onderzoekers verwachten dat het aantal kankerpatiënten in 2020 zal zijn gestegen tot 4 miljoen per jaar. Die groei wordt toegeschreven aan toenemend overgewicht en alcoholgebruik.

De keus om wel of niet te roken, te drinken, te sporten en in het menu ligt tot op zekere hoogte binnen de individuele autonomie. Al heeft lang niet iedere Chinees het geld om verantwoord te eten of de mogelijkheid (of de vrije tijd) om te sporten

Maar op de invloed van het milieu op de gezondheid heeft het individu weinig te zeggen. Giftige stoffen komen via het drinkwater en gewassen letterlijk op het bordje van iedere Chinees. En smog ademt iedereen in. Van beide heeft China veel. Uit onderzoek is gebleken dat 2 procent van China’s landbouwgrond zo vervuild is, dat er eigenlijk geen voedsel op mag worden verbouwd. En de luchtvervuiling is zo ernstig dat sommige steden feitelijk ongeschikt zijn om in te wonen.

Er is een China geen onderzoek gedaan naar de invloed van milieuvervuiling op de kans om kanker te krijgen.

Wereldwijd wel. Volgens de wereldgezondheidsorganisatie WHO is er een direct verband tussen giftige stoffen in het drinkwater en de kans op kanker aan de ingewanden. Ook is er een direct verband aangetoond tussen de hoeveelheid fijnstof in de lucht en de kans longkanker te krijgen.

Wat opvalt aan de statistieken is dat kankers aan de ingewanden in China relatief vaak voorkomen. Zo komt maagkanker bij 41,3 personen per 100.000 Chinezen voor; in de VS bij 5,7 personen. Slokdarmkanker bij 22,9 per 100.000 Chinezen; in de VS bij 5,8 personen. Leverkanker bij 37,4 in China; 7,0 in de VS.

De cijfers voor longkanker zijn vergelijkbaar met elkaar (en met die van Nederland), de kans om longkanker te krijgen in de VS is zelfs iets hoger.

Maar dat geldt niet voor de grote stad. Het aantal patiënten met longkanker in Beijing is in tien jaar tijd met meer dan 50 procent toegenomen, blijkt uit cijfers van het gezondheidsbureau van de Chinese hoofdstad.

Het aantal longkankerpatiënten bedroeg in 2011 63.09 per 100.000 inwoners. In 2002 was dat nog maar 39,56. Daarmee is de kans dat een inwoner van een grote Chinese stad longkanker krijgt een kwart groter dan een inwoner van de VS.

Vanzelfsprekend kennen de Chinese leiders die getallen ook. Er gebeurt dan ook veel om de gezondheid te bevorderen. Al was het maar om de explosief stijgende kosten van de gezondheidszorg te beteugelen (en maatschappelijke onrust tegen te gaan).

Roken wordt bestreden, al zijn er twijfels over de controle op de regels. Er ligt een plan om vervuilde landbouwgrond aan de voedselproductie te onttrekken. En de plannen om de luchtkwaliteit te verbeteren zijn legio.

In februari 2013 heeft het Chinese Ministerie van Milieu het bestaan van zogenoemde kankerdorpen langs de rivier Huaihe erkend, waar de kans kanker te krijgen 50 procent hoger is dan het Chinees gemiddelde. Milieuactivisten in China zeggen al jaren dat het aantal kankergevallen in 459 dorpen in de buurt van fabrieken en vervuild water explosief is gestegen. Zulke beschuldigingen wezen de autoriteiten altijd van de hand, maar zijn in het rapport voor het eerst toegegeven.

De vraag is of lokale overheden, die verantwoordelijk zijn voor economische groei en werkgelegenheid en voor inkomsten afhankelijk zijn van bedrijven, nu ook hun milieutaken beter gaan uitvoeren.

De Reis door China in 48 dagen gaat verder op dinsdag 11 februari: Wereld Ziekendag.