Hoe bereik je een publiek dat liever geen donkere wolken ziet? Waarschuwingen over milieu, klimaatopwarming en afname van biodiversiteit zijn aan de orde van de dag. De Chinese overheid wordt vaak bekritiseerd omdat zij protesten daarover het zwijgen oplegt. Zo schreef een chirurg in Shanghai een gedicht over toenemende aantallen gevallen van kanker, maar verwees voorzichtig naar leefstijl en niet naar luchtvervuiling. Qian Xiaolong schreef een gedicht over watervervuiling in het meer van Taiyuan, maar het werd nooit in China gepubliceerd:

‘’Wie loopt er naast je?’’
Vanaf de brug van geluid en woede, kunt je de tijd zien stromen,
Zoals water bedekt met vuile algen, lege blikjes, plastic flessen, sigarettenpeuken, en wat al niet nog meer
Het water heeft zoveel waanideeën en sluwe stromingen die bedriegen met fluisterende ambities en ijdelheden.
Als je verdwaald bent in de fantasieën van eenzaam groene oevers die wuiven in de wind, stroomt het water weg,
Waardoor je achterblijft en je de weg niet meer terug kunt vinden.
Na al die jaren, weet je het nog steeds niet? *

Censuur in Nederland?

We staan snel klaar met kritiek op China en het milieu raakt iedereen, maar toch hoor ik vaak binnen internationale samenwerking: “daar wil ik me ook niet nog mee bezig houden”. De afstand die de Chinese overheid publiekelijk creëert rondom milieukwesties die ze niet overzien, doen Nederlanders bizar genoeg uit zichzelf al, wat exemplarisch is voor de manier waarop in Nederland milieuproblematiek centraal staat. Leefstijl staat voorop in een bijna hetze-achtige kruistocht tegen longziektes, ook wanneer die niets met leefstijl te maken heeft maar met milieuvervuiling. Er is veeleer sprake van: “de ziekte der ontkenning”.

Verschillende keren hoorde (en las) ik het argument dat schuldig China ons gerecycled plastic terug exporteert naar Nederland in goedkope plastic spullen. Dat wij die spullen kopen, en tot voor kort de helft van ons plastic afval naar China exporteerden, lijkt niet uit te maken. Een dergelijke beschuldiging is, hoewel niet ongebruikelijk, wel een hele extreme omkering van oorzaak en gevolg.

De meeste Nederlandse milieuvoorlichting bestaat uit doemscenario’s. De discussie gaat vrijwel altijd over de negatieve economische consequenties van milieumaatregelen. Bijgevolg slaan mensen dicht wanneer het gaat om gedragsverandering. Moralisme bewaren we voor China. Hoewel de CO2 uitstoot per hoofd van de bevolking in China (6,59) nog steeds lager is dan die van de V.S. (15,53) en Nederland (9,92), staan we als bokken op de haverkist klaar om te roepen dat China de grootste vervuiler is. Pas nu China geen zin meer heeft in ons afval, zoeken we naar oplossingen voor een plasticvrije economie, decennia te laat.

Toch blijven we China maar wat graag de schuld geven. In haar wervingscampagne van het “PVC” paardje, toont ASN Bank bij de afvalberg in zee uitgerekend Chinese melkpakken. En dat terwijl de Chinese overheid miljarden investeert in groenprojecten, meer dan op dit moment welk ander land ter wereld ook. Een positieve kant is dat de Nederlandse afvalzuiveringsbedrijven die ik ken, het uitstekend doen in China.

Chinese oplossingen: leren van anderen

Wat doet men in China verder aan milieuproblematiek? In 2018 werd ik door Tongji University uitgenodigd om tijdens het 2018 Shanghai Chongming Eco-Island International Forum een lezing te geven over de Nederlandse landbouw en bloemenindustrie. Men wilde in China vooral leren van Nederland in verband met de floriade op Chongming Island in 2021.

Chongming Island is een ecologisch hot item. Gelegen in de monding van de Yangtze wordt het omgeven door een beveiligingsring die moet voorkomen dat insecticide en kunstmest naar het eiland worden gebracht. Alle agricultuur op het eiland is ecologisch, bijgevolg is er geen vee, behalve geiten. De bevolking bestaat uit een mengsel van boerencorporaties, zowel inheems als uit de omliggende provincies.

Coöperatie vertegenwoordigers van Chongming eiland

Sinds 2006 storten zich bij toerbeurt allerlei Westerse universiteiten, architectenbureaus en specialisten op de planning van het eiland, en wordt er “technisch ecologisch” geadviseerd. De meeste adviezen lijken uit te gaan van plannen volgens Westers model. Tijdens het forum was het Chinese publiek verbaasd dat ik de milieuschade aan de insectenpopulatie als gevolg de landbouw in Nederland liet zien, en een koppeling maakte met vroegere politieke stimuleringsmaatregelen (plan Mansholt 1962).

Adviezen, ook uit Nederland, waren beschamend ongeïnformeerd. Zo werd aangeraden om de boeren te leren ecologisch te verbouwen, iets dat ze al decennia  doen vanwege de ecologische status van het eiland. Mijn gesprekken met de boeren lieten hele andere noden zien. Zij waren niet geïnteresseerd in hoogtechnologische glaskassen uit Nederland, als wel in energiezuinige koeltechnieken, opslag en marketing van hun producten. Kiwi’s en peren van excellente kwaliteit kunnen Shanghai voorzien, waarbij de supply-chain kort en dus milieuvriendelijk is, maar de ironie is dat betrouwbare eco-labels niet vanzelfsprekend zijn in China.

De lokale boeren van Chongming Island zijn er niet bij gebaat hun productie te intensiveren. Het gevolg van een hogere opbrengst is dat de prijzen van seizoensgebonden producten dalen, waardoor de coöperaties met elkaar moeten concurreren over de afzetmarkt. China is bovendien geen marmeladeland, waardoor de productie van vruchtencompote nauwelijks zinvol is. Vruchten uit andere landen naar Shanghai exporteren is beslist schadelijk voor de mogelijkheden van lokale voedselvoorziening.

Verantwoorde Nederlandse export

Nederland geniet een (wellicht onverdiende) reputatie in biologische producten. Waar ligt onze milieubewuste verantwoordelijkheid in export? Nederland is wereldleider in landbouw, en onze glastuinbouw is gericht op minder insecticide en gecomputeriseerde bewateringstechnieken. Toch is de teleurstelling groot dat Chinezen die geavanceerde technieken helemaal niet zo interessant vinden. Overproductie van veel kasproducten is eerder een probleem dan een winstmarge in China. Ook zullen Chinese boeren niet voor natuurlijke bevruchting kiezen wanneer ze tien Dollar per hommel moeten betalen.

Zie hier één van de grote vragen in de handel met China. Als wij iets willen doen aan de huidige milieuproblematiek, dan heeft dat consequenties voor de structuur van die handel. Dan kunnen we er niet meer van uitgaan dat onze winst in Nederland voortkomt uit de blinde verkoop van onze producten. En vroeg of laat, net als met plastic, zullen we ook verantwoordelijkheid moeten nemen voor onze export.

Nu is het niet nodig dat meteen iedere handelaar zich schuldig gaat voelen omdat hij of zij winst wil maken, maar er ligt wel een nieuwe uitdaging aan de horizon – een uitdaging, geen beperking. Daarvoor is het belangrijk om alle economische modellen een kwartslag te draaien. In plaats van bang te zijn voor het stelen van technologie door China en te onderschatten wat China’s eigen innovatieve kracht is, kunnen we zoeken naar nieuwe samenwerkingsmodellen. Maar dat vereist ook dat we zicht krijgen op onze eigen censuur op milieuproblematiek.

 

* Qiu Xiaolong. Poems of Inspector Chen: poems collected or uncollected in the Inspector Chen series, vertaling uit het Engels door Mariska Stevens.

Op 7 juni organiseren Crossroad Culture en EuSino Foundation het seminar ‘Green Shanghai and the Gateway to China’, waar Nederlandse en Chinese ondernemers en kennisinstituten actief op het gebied van ruimtelijke planning, eco-technologie, ‘green marketing’ en ecologische zones met elkaar in contact kunnen komen. Meer informatie over dit evenement vind je op de evenementepagina.