“Het Yue Ting Restaurant van het Grand Hyatt werd onze ‘privékantine’ evenals Lei Garden, een restaurant met een Michelinster. Zeebaars voor 500 dollar en een soep van 1000 dollar gemaakt van de blaas van grote vissen, waren onze favoriete gerechten… Noch Whitney noch ik voelde ongemak bij het uitgeven van meer dan duizend dollar aan lunch. Het waren gewoon de kosten voor zakendoen in China in 2000.”

Aldus de ondernemer Desmond Shum. Samen met zijn echtgenoot Whitney Duan Weihong verdiende hij een fortuin in het opkomende China dankzij de juiste contacten (guānxi), een neus voor zaken en een enorme geldsmijterij. Het gemiddelde inkomen in China bedroeg toen nog geen vierduizend dollar per persoon per jaar maar de ministers, onderministers, presidenten van staatsbedrijven en succesvolle ondernemers leefden in een ander universum. Ze lieten zich maar al te graag fêteren door Desmond, Whitney en hun ‘stille zakenpartner’ Zhang Beili; de extravagante lunches en diners gaven de gasten immers extra aanzien.

Shum’s boek Red Roulette: An Insider’s Story of Wealth, Power, Corruption and Vengeance in Today’s China, werd eind 2021 gepubliceerd. Het is een zeer persoonlijk verhaal en een boeiende getuigenis van de uitwassen van het ‘cowboykapitalisme’ dat in China volop ruimte kreeg vanaf de jaren tachtig. Dat zorgde voor een ongekende economische groei maar ook voor een grote kloof tussen arm en rijk. Communistisch China telt inmiddels anderhalf miljoen miljonairs en zevenhonderd miljardairs. Alleen Amerika scoort hoger. President Xi Jinping – uit op een derde termijn – wil deze kloof aanpakken. ‘Gezamenlijke welvaart’ luidt zijn nieuwe ideologie.

“To get rich is glorious”

Hoe is dat zo gekomen? Eind jaren zeventig nam Deng Xiaoping de macht over in een straatarm en failliet China. Om te kunnen overleven moest de communistische partij zijn greep op de economie wel verslappen en het land openstellen voor investeerders. Staatsbedrijven maakten miljarden verlies en zelfstandige ondernemers en investeerders hielden de economie draaiende en de werkeloosheid laag, schrijft Shum. Deng’s mantra: “To get rich is glorious”, werd door velen omarmd.

Voor entrepreneurs met een goed idee, de juiste contacten, toegang tot bankleningen en vooral tot de “rode aristocratie” – familieleden van het communistische topkader die overal een graantje van wilden meepikken –  waren er geen belemmeringen. Zaken als het milieu,  arbeidsomstandigheden en illegale onteigeningen deden er niet toe.  Whitney Duan (1966) begreep als geen ander hoe het systeem werkte. Ze groeide in armoede op in de provincie Shandong ten tijde van de Culturele Revolutie, maar wist zich toch te ontwikkelen tot computerspecialist. Toen ze eind jaren negentig naar Beijing vertrok richtte ze haar eigen bedrijf Great Ocean op dat IBM computers verkocht, onder meer aan de opkomende telecomindustrie.

Whitney had twee doelen:  zoveel mogelijk belangrijke mensen leren kennen en rijk worden. Tijdens een etentje werd ze geïntroduceerd aan Zhang Beili de vrouw van Wen Jiabao die tot de top behoorde van de communistische partij (een paar jaar later zou hij premier worden). Whitney wist dat ze beet had; ze wierp zich op als vertrouwelinge en vriendin en werd naast haar eigen werk persoonlijk adviseur van “Auntie Zhang”.

Ook Desmond (1968) groeide in armoede op, deels in China maar hij emigreerde in 1978 met zijn ouders naar het vrije Hong Kong. Hij studeerde aan de Universiteit van Wisconsin en trad in dienst van een investeringsbedrijf dat zich vooral richtte op het opkomende China.

Jacht op geld en status

Auteur Desmond Shum

Toen hij in 1997 in Beijing werd gestationeerd voelde hij niet Chinees maar een buitenlander, en het lukte hem niet om echt succesvol te worden als consultant. Maar Desmond had klasse en tijdens een aantal zakelijke ontmoetingen raakte de ambitieuze bestuursvoorzitter en eigenaar Whitney Duan van Great Ocean er steeds meer van overtuigd dat ze met deze “man van de wereld” een grote toekomst tegemoet zou gaan. Ze werden een stel en ook zakelijke partners, al kreeg Desmond geen aandelen in Great Ocean. “We vulden elkaar aan. Ik kon een spreadsheet lezen en begaf me makkelijk in westerse kringen, zij had toegang tot een verborgen China. Zij was mijn entree in een andere dimensie. Ik was in trance en totaal overdonderd”.

Desmond wil in zijn boek graag benadrukken dat hij en Whitney een missie hadden om een belangrijke bijdrage te leveren aan de ontwikkeling en modernisering van China. Maar wat vooral blijft hangen is de jacht op geld en status. In 2000 kregen ze het aanbod om samen met Auntie Zhang drie procent van de aandelen in de verzekeraar Ping An over te nemen van de noodlijdende rederij COSCO. Ping An zou naar de beurs gaan. Via Great Ocean wist Whitney een lening van 12 miljoen dollar bij een bank te regelen om haar deel van de aankoop te financieren.

Crazy Rich Asians

Ondanks het feit dat ze diep in de schulden zaten leefden de Chums als miljonairs. Uiterlijk vertoon was alles in Beijing want rijkdom gaf aanzien en zo konden ze zich blijven bewegen in de periferie van de macht. Ze woonden in een luxe appartement in het Oriëntal Plaza in Beijing en reden rond in een Mercedes S klasse. Zonder blikken of blozen kocht Whitney een nummerplaat met het opschrift Beijing A 8027 voor tweehonderdduizend dollar, omdat het nummer impliceerde dat de eigenaar van de auto een hoge regeringsfunctionaris was. Ondertussen moesten de ouders van Desmond in Hong Kong de dure levensstijl van het stel financieren.

In 2004 ging Ping An naar de beurs in Hong Kong. In een paar jaar tijd steeg de waarde van het aandelenpakket van de Chums tot 300 miljoen dollar. Om onder de radar te blijven stortte Auntie Zhang haar verworven fortuin (600 miljoen dollar) op de rekening van de moeder van Wen Jiabao. Een tweede klapper volgde met de aankoop van aandelen Bank of China dat in 2006 naar de beurs in Hong Kong ging.

De rijkdom steeg de Chums naar het hoofd; ze gedroegen zich als crazy rich asians; ze hadden een Lamborghini en een Ferrari, droegen uitsluitend kleding van dure merken en kochten ringen met diamanten van 15 miljoen dollar.

Ondertussen waren ze ook in een groot ontwikkelingsproject gestapt: de bouw van de Beijing Airport Cargo Terminal. Voor het regelen van alle vergunningen hadden ze meer dan honderd handtekeningen nodig van hoog geplaatste ambtenaren. Desmond fêteerde de functionarissen met dure flessen Moutai (Chinese likeur) van duizenden dollars. Ook kocht hij golf sets en horloges van tienduizend dollar alsof het warme broodjes waren. De giften – het smeergeld van het systeem – werden grif geaccepteerd.

Een razende Wen Jiabao

Het grote feest was voorbij toen de New York Times artikelen publiceerde over de rijkdom van Xi Jinping en zijn entourage en in 2012 over de zelfverrijking van de familie van Wen. Het vermogen werd geschat op drie miljard dollar en ook de Ping An deal kwam uitgebreid aan bod. Ook Whitney werd genoemd. Wen – een workaholic – had zich nooit bemoeid met de financiële transacties van zijn vrouw. Hij was razend. Hij dreigde te scheiden en zich na zijn pensionering kaal te scheren en zich terug te trekken in een Boeddhistisch klooster.

Om de schade te beperken greep de communistische partij in. Whitney moest verklaren dat alleen zij had verdiend aan de Ping An deal en dat het wegsluizen van de winst naar de rekening van de moeder van Wen haar idee was geweest en was bedoeld om haar rijkdom te verbergen.

Xi Jinping kreeg rond dezelfde tijd steeds meer te zeggen in de communistische partij en startte eind 2012 een anti-corruptie campagne. Duizenden ambtenaren verdwenen achter slot en grendel maar ook hooggeplaatste politici – die een mogelijke bedreiging waren voor zijn positie – werden veroordeeld. Auntie Zhang en haar kinderen zouden daarna al hun bezittingen aan de staat hebben gedoneerd om vervolging te voorkomen.

In maart 2013 werd Xi president. Veel rijke vrienden van de Chums zagen de bui al hangen; ze brachten een deel van hun geld over naar het buitenland en hielden er ook buitenlandse paspoorten op na. Desmond wilde hun voorbeeld volgen maar Whitney had een ijzeren vertrouwen in het Chinese syteem dat zij als geen ander wist te bespelen.

Niemand wordt gespaard

De spanningen liepen om allerlei redenen hoog op en het stel ging scheiden. In 2015 vertrok Desmond met hun zoontje Ariston naar Engeland. Daar zou Ariston een betere opleiding kunnen volgen en was de lucht tenminste schoon. In de zomers was het kind bij Whitney in Beijing. Voor het laatst in 2017, want in september van dat jaar werd de succesvolle zakenvrouw door de autoriteiten meegenomen uit haar luxe kantoor in het Bulgari Hotel.

Ze verdween in het niets, zoals vele Chinezen die worden verdacht van corruptie of andere misstanden. Desmond probeerde jarenlang te achterhalen waarvan ze werd beschuldigd en waar ze werd vastgehouden. Tevergeefs – totdat zijn boek werd aangekondigd. In september 2021 had hij voor het eerst weer telefonisch contact met Whitney die hem in twee korte gesprekken smeekte niets te publiceren, om te voorkomen dat zij en haar familie verder in de problemen zouden komen.

Desmond zwichtte niet voor deze vorm van chantage, een veelbeproefde tactiek van de communistische partij. Hij spaart niemand in Red Roulette, ook zichzelf niet. Tegelijkertijd klopt hij zich op de borst met zijn zakelijke successen en liefdadigheidsprojecten: het verstrekken van studiebeurzen aan arme studenten op de prestigieuze Tsinghua Universiteit in Shanghai en een donatie van tien miljoen dollar voor een universiteitsbibliotheek. Dat is geen aderlating als je honderden miljoenen hebt verdiend.

Maar waar is Whitney?

Het wordt pijnlijk als Desmond memoreert hoe hij in 2014 – aangespoord door de communistische partij – in Hong Kong luidkeels ging demonstreren tégen democratische hervormingen. Terugblikkend op zijn gedrag in China schrijft hij: ‘We werkten allemaal mee aan een systeem waarvan we wisten dat het niet deugde. Want als we dat niet deden dan zou het ons – en onze familieleden – alle inkomsten, vrijheden en wellicht ook onze levens hebben gekost’.

Dat systeem deerde hem niet toen de er op grote schaal onteigeningen plaatsvonden voor de aanleg van de Beijing Airport Cargo Terminal en de ex bewoners van het terrein een fooi kregen als schadevergoeding en ook niet toen hij de ene na de andere financiële klapper maakte. Om de indruk te wekken dat hij al die jaren in China geen keuze had en tegen wil en dank het spel meespeelde van de communistische elite, is dus hypocriet. Desmond Shum was een even grote opportunist als alle andere Chinese miljonairs en miljardairs.

Hij leeft nu veilig in Engeland als een vermogend man. Alleen zijn ex-vrouw heeft zwaar betaald voor de onlesbare dorst naar rijkdom. De grote vraag die rest na het lezen van Red Roulette luidt dan ook: waar is Whitney?

Red Roulette: An Insider’s Story of Wealth, Power, Corruption and Vengeance in Today’s China | Desmond Shum | Simon & Schuster | september 2021 | hardcover € 16,99 | ook verkrijgbaar als e-book | 320 pag. | ISBN: 978-1-3985-1037-1